In gesprek met Jaap Tak

Bij de ingang van het NMC stonden afgelopen jaar, planten- en kruiden stekjes, flesjes kruidenazijn, potjes vijgen-, bramen- en rode bessenjam, groene- en rode pesto, zakjes salie- en laurierbladeren te wachten op geïnteresseerde kopers. “Allemaal zelfgemaakt met natuurlijke producten uit de NMC tuin”, lacht Jaap.


Nieuwsgierig

“Het maken ervan is al leuk, maar nog leuker is het als mensen het kopen én helemaal leuk is het als ze vragen stellen. Bijvoorbeeld over wat erin zit en hoe het is bereid.” Het typeert Jaap. Hij prikkelt graag de nieuwsgierigheid. “Als IVN-gids vond ik de excursies met kinderen het leukste. Ze zijn oprecht geïnteresseerd en overvallen je met vragen waar je nog nooit over hebt nagedacht.”


Cultuur-historische interesse

Wat met een dag per week in de tuin werken begon, groeide uit tot een bijna dagelijkse bezigheid. Vijf tot zes dagen is Jaap in de NMC tuin te vinden. “Ik heb altijd van de natuur gehouden. Maar vraag me niet naar de namen van planten, en al helemaal niet naar de Latijnse namen. Mijn interesse ligt vooral bij het grote geheel. Zeg maar het cultuurhistorische aspect met zijn begroeiing en wat voor eetbaars nog steeds in de vrije natuur is te vinden. Waarom ligt er bijvoorbeeld een gracht rond de kerk op Laar? Of hoe konden de Romeinen in 80 jaar na Chr. het Colosseum in Rome bouwen?”


Van hobby zijn werk gemaakt

Jaap is in 1944 in Eindhoven geboren. Lange tijd woonde hij in Bloemendaal. Jaap volgde de HTS Automobiel techniek & management in Driebergen. Toen zijn vader vroegtijdig overleed, stopte hij met de opleiding en hielp als oudste zoon zijn moeder. Later studeerde hij alsnog management op de Hofmeesterschool in Amsterdam. Daar hadden ze hem een leidinggevende baan op de Holland-Amerikalijn in het vooruitzicht gesteld. Maar dat ging niet door, vanwege het faillissement van het cruisebedrijf. “Ik wilde wat van de wereld zien en alles achter me laten.” Uiteindelijk kwam Jaap na zijn studie in Italië en Oostenrijk terecht. Vier jaar heeft hij zomers in Domaso bij het Comomeer gewoond en gewerkt voor een Int. Hotel organisatie. Hier leerde hij zijn vrouw kennen. In de winter werden ze gedétacheerd in Oostenrijk. Eenmaal samen terug in Nederland werkte Jaap als chef bij verschillende restaurants in Roermond en Weert. “Koken was altijd al een hobby van mij.” Hij haalde de ene na de andere koksdiploma. Ook een voor leermeester en slijterij. Na een tijdje begon Jaap met een catering/partyservice in Weert. Vervolgens startte hij met zijn oudste zoon Tako en schoondochter Astrid het restaurant De Liefhebber. Op dit moment bestaat het restaurant meer dan 20 jaar. Na zijn pensionering trok Jaap zich terug uit het restaurant. Tako & Astrid zijn nu de eigenaren en zetten de zaak voort.

 

Tuinkabouter

“Toen ik met het restaurant stopte, wilde ik iets in de natuur doen en werd IVN-gids. IVN is gehuisvest in het NMC. Hier hoorde Jaap van voormalige tuinman Mart van den Boogaerd dat de tuinploeg wel wat extra handen kon gebruiken. Na het vertrek van Mart nam Jaap de leiding over. “Momenteel ben ik al zeven jaar de tuinkabouter van het NMC”, lacht Jaap. “De huidige tuin is vooral een educatieve tuin. Niet te vergelijken met hiervoor. Hele stukken werden niet gebruikt, die waren overwoekerd door de sneeuwbes.”

Onder leiding van Jaap en Jan van Grimbergen kwam er een moes- en kruidentuin en werd de stenentuin opgewaardeerd met cactussen en andere vetplanten. Daarbij is de hulp van Thijs, Romano, Sergio en Teun van PSW onontbeerlijk. “Mensen onderschatten vaak hoeveel werk het is om de tuin bij te houden. Uit het oog van tijdbesparing zou ik het liefste een Engelse tuin hebben. Werken van hoge naar lage begroeiing en de planten dichterbij elkaar poten, zodat er minder onkruid kan groeien”.

 

Verbouwing

De verbouwingsplannen van het NMC hebben ook effect op de tuin. Doordat het gebouw een aantal meter opschuift, wordt de tuin een stukje kleiner. De druivenstokken die nu tegen de buitenmuur staan, zullen moeten worden verplaatst. Ook de tuin tussen het NMC gebouw en de bijenhal zal er anders uitgaan zien. Jaap heeft daar wel ideeën over. “Van het middelste gedeelte van de tuin zouden we een mediterraan gedeelte kunnen maken met oleanders, een vijgenboom en kruiden. Zeker met de klimaatverandering in het achterhoofd.” Een ander idee is de bijenhal met de korven zichtbaarder maken voor het publiek. De wilgenboog te vervangen door een tunnel met klimrozen. Verder moet de houten molen nog verder worden gerestaureerd, nieuwe aanplanting worden aangelegd rond de in ontwikkeling zijnde vijver enz. Er is nog werk genoeg. Jaap: “Intussen probeer ik wat te minderen, want 5/6 dagen in de week als vrijwilliger in de tuin werken is erg veel. Maar met de hulp van de mannen van PSW moet dat in de toekomst lukken.”

 

Zin in iets echt typisch kerstgerecht? Lees hier de column van Jaap Tak over Plumpudding.