Vrijdag 13 december – Kerststukken maken met natuurlijke materialen

Nog even en het is Kerst. Een feestelijke tijd, waarbij we het gezellig in huis maken. Vind je het leuk om samen met anderen een kerststuk te maken van natuurlijke materialen? Famke Weerts geeft op vrijdag 13 december van 14.00 tot 16.30 uur een workshop kerststuk maken bij het Natuur- en Milieucentrum De IJzeren Man aan de Geurtsvenweg 4 in Weert. De workshop en de materialen zijn gratis.

 

Meer lezen

In gesprek met Simone Raemakers

“Heerlijk met de handen in de grond wroeten”

Simone Raemakers versterkt sinds 6 juni 2019 het bestuur van de stichting Natuur- en MilieuEducatie. Zij doet dat in de rol van adviseur.

Toen Simone gevraagd werd om zitting te nemen in het bestuur, wist ze niet dat er zoveel bij het Natuur- en Milieucentrum De IJzeren Man gebeurde. “Veel meer dan ik van tevoren dacht. Er is zoveel kennis en kunde aanwezig bij de vrijwilligers,” steekt Simone van wal. “Het zou geweldig zijn als nog meer mensen het centrum weten te vinden. En dat we een nieuwe generatie weten te bereiken.” Ik heb een zus in Amerika wonen. Daar kan ieder kind ranger van een nationaal park worden. De kinderen zijn trots op hun ranger diploma. Ze voelen zich verantwoordelijk voor de natuur en wijzen hun ouders erop dat plastic bijvoorbeeld niet in de natuur hoort. Mijn kinderen zijn op vakantie ranger van verschillende parken geworden en dat vonden ze heel leuk. Je loopt veel bewuster door het park, kijkt met andere ogen. Waarom zouden de kinderen hier geen ranger van de Kempen~Broek kunnen worden? En een badge kunnen behalen voor de verschillende gebeiden daar binnen. Op deze manier zouden we kinderen en daarmee de ouders aan ons kunnen binden.”

 

Simone (37 jaar) is een geboren en getogen Weertse. Ze is getrouwd met Emiel en samen hebben ze drie kinderen: Rob (8), Elin (6) en Mirte (4). Ook heeft ze een bruine labrador, een kater en twee konijnen. In Breda volgde ze bij Avans Hogeschool de opleiding Accountancy. Haar eerste baan was in Eindhoven, vervolgens ging ze in Budel werken en sinds vier jaar werkt ze op de afdeling Financiën van de gemeente Weert, met als specialisatie grondexploitaties. Simone noemt zichzelf een a-typische accountant. “Bij mij gaat het niet puur om de cijfers. Ik haal informatie uit het financiële systeem om een verhaal te onderbouwen en verder te denken dan de gangbare oplossing. Ik ben helemaal niet gestructureerd, eerder creatief en kijk op een andere manier naar een probleem.”

 

Haar creativiteit kan Simone ruimschoots kwijt in de bostuin op Altweerterheide. Een stuk bos tussen de akkers.“Het was van mijn opa. Ik speelde er mijn hele leven en vier jaar geleden hebben wij het overgenomen. Bijna ieder weekend zijn we daar met het hele gezin bezig. Ik ben een echt natuurmens en vind het heerlijk om met mijn handen in de grond te wroeten.” In de bostuin moest veel gebeuren. “Na vijftig jaar dennenbomen, was de grond zo arm aan voedingsstoffen, dat we tweehonderd dode dennenbomen met stronk en al eruit hebben moeten halen.” Simone maakte tekeningen van de tuin en las veel over beplanting. “Het is een heel ander bos geworden met onder andere hoogstambomen, bessenstruiken, grote kassen, een grote moestuin en een grote zwemvijver. Een ander deel van het bos gaat een permacultuur voedselbos worden. ” Het moto van Simone en haar man is gewoon doen. “We passen het principe van try and error toe. Als we bezig zijn en iets lukt niet, dan proberen we het op een andere manier voor elkaar te krijgen. Werken in de natuur is voor ons ontspanning.” Als kind leerde Simone van haar opa dat je niet bang hoefde te zijn voor bijen. “Mijn opa was imker en hij leerde haar al jong dat ze belangrijk zijn voor de natuur. Nu vertel ik mijn kinderen dat bijvoorbeeld een regenworm niet eng is, maar goed werk doet in de grond.” Simone en haar man betrekken hun kinderen zoveel mogelijk bij hun werkzaamheden in de natuur. “Ik vind het belangrijk dat ze al jong leren hoe mooi de natuur is en dat je daar respectvol mee omgaat.”

 

Via een kennis van voorzitter Marleen Gresnigt hoorde Simone dat de stichting Natuur-en MilieuEducatie nog versterking van het bestuur zocht. “Alles wat met natuur te maken heeft, vind ik hier. Ik heb een adviserende rol en vind het leuk om over de toekomst na te denken. Het zou mooi zijn als steeds meer Weertenaren denken: “Daarvoor moet ik bij het Natuur- en Milieucentrum De IJzeren Man zijn.”

Kennismaking met nieuwe medewerker Gert Brink

Voor veel vrijwilligers is Gert Brink (64 jaar) geen onbekende. Al een jaar of acht, negen is hij vrijwilliger bij het Natuur- en Milieucentrum. Hij begon in de tuin, hielp mee met het uitzetten van het Kabouter- en Eekhoornpad en werd later gastheer in de weekenden. Vanaf 1 oktober 2019 is Gert via De Risse werkzaam bij het NMC. Hij verricht aanvullende taken, waardoor het centrum net als voorgaande jaren weer op alle dagen open is voor het publiek.

 

Voor Gert Brink betekent de natuur vooral met de hond door de bossen wandelen. “Lekker twee uurtjes met de hond struinen. Het hoeft niet ver weg te zijn. Onderweg ben ik niet zo bezig met het benoemen van de planten en dieren. Gewoon lekker kuieren.”

 

Gert is geboren in Roosendaal en is vanaf zijn vijfde jaar in Weert komen wonen. Zijn vader werkte  tot aan zijn pensioen bij Philips Weert. Gert groeide op in Fatima en ging naar de MAVO op Keent, waarvan de noodlokalen aan de Julianalaan stonden. De MAVO heeft hij in eerste instantie niet afgemaakt. Wel de LTS. Jaren later was hij met zijn vriend Willie aan het squashen toen Willie vroeg: “Ga je mee naar de Avond-MAVO?” Daar had Gert wel oren naar. En van wie kreeg hij daar aardrijkskundeles? Van niemand minder dan Bèr Peeters. Op één van de reünies van de Avond-MAVO, Bèr was toen al coördinator van het Natuur- en Milieucentrum, zei Bèr: “Als je nog eens vrijwilligerswerk zoekt, denk dan aan het centrum.” Deze opmerking heeft Gert goed onthouden.

 

Een aantal jaren heeft Gert als buschauffeur gewerkt bij Kupers Touringcars in Weert. “Door het gebrek aan chauffeurs, was je altijd onderweg. Je kon geen sociaal leven opbouwen.” Vervolgens is Gert zijn vader achterna gegaan en werd operator bij Philips Weert. Helaas ging de fabriek in Weert dicht. Bij de Openbaar vervoerder Veolia vond Gert nieuw werk. Hij reed op de lijnbussen in Noord- en Midden-Limburg. Tot het noodlot toesloeg en hij twaalf jaar geleden een beroerte kreeg op de boot van Thailand naar Maleisië.

 

“Vrienden van mij maakten een wereldreis en vroegen of ik naar Bangkok wilde komen. Met de trein zijn we door Thailand gereisd. Op de boot naar Maleisië, ging het mis. Ik kon niet meer praten, lopen of slikken. Een vissersboot heeft me terug naar Thailand gebracht. Daar heb ik eerst in een klein ziekenhuis gelegen en later in een gespecialiseerd ziekenhuis in Phuket.” Na drie weken kon Gert met het vliegtuig worden vervoerd naar Nederland. Daar heeft hij nog 1 dag in het SJG ziekenhuis Weert gelegen en een aantal weken gerevalideerd in Blixembosch in Eindhoven.

 

Gert is voor honderd procent afgekeurd. Omdat hij zelf vond dat hij nog wel wat arbeid kon verrichten, heeft hij zich aangemeld bij De Risse en als vrijwilliger bij het NMC. Voor De Risse heeft Gert zeven jaar bij de koffiebranderij Fascino in Weert gewerkt. Door de jaren heen kreeg Gert steeds eentoniger werk. “Op gegeven moment was ik de hele dag alleen maar pakjes aan het doorgeven. Ik wilde meer variatie in mijn werk.” Gert informeerde of hij via De Risse een aantal uren bij het NMC kon gaan werken. En dat was prima. Gert heeft het goed naar zijn zin bij het Natuur- en Milieucentrum. En als hij er niet is, kan het zijn dat hij naar zijn caravan in Friesland is.

 

 

Word vrijwilliger bij Milieu Actie Dagen (MAD)

De Milieu Actie Dagen (MAD) bij het Natuur- en Milieucentrum zijn inmiddels een begrip. Op die dagen staat het vol met fietsen en zie je overal groepjes leerlingen van de Philips van Horne Scholengemeenschap opdrachten doen onder leiding van vrijwilligers.

“De MAD zijn mede door de inzet van de vele vrijwilligers zo’n succes geworden. De vrijwilligers zijn onmisbaar,” vertelt Toos Kunnen, een van de bedenkers van MAD. “Het is leuk om samen met de leerlingen in de natuur bezig te zijn. Oud-leerlingen herinneren zich de MAD jaren later nog.” Lijkt het je leuk om mee te helpen, meld je dan aan bij Toos.

Tijdens de MAD doen de leerlingen verschillende opdrachten. Bij de brugklasleerlingen ligt het accent op het onderzoeken van de natuur. Bij de tweedejaarsleerlingen wordt meer ingezoomd op milieu en duurzaamheid. “Met de opdrachten willen we de leerlingen prikkelen, nieuwsgierig maken naar hoe de natuur in elkaar zit. Doordat ze actief bezig zijn, zien en ervaren ze de natuur zelf. We geven ze een zetje, hopen dat ze het oppakken en er meer over willen weten,” vertelt Toos Kunnen, voormalig docent biologie van de Philips van Horne.

Samen met Hub Jetten heeft Toos de MAD opgezet. “Hub gaf les op de school Hoogh Weert en toen deze school opging in de Philips van Horne, heb ik samen met Hub het milieuonderwijs op poten gezet.” Om er binnen de bestaande vakken meer aandacht voor te krijgen, bedachten Toos en Hub in het schooljaar 2000/2001 een projectdag op school. “Iets totaal anders dan stil in de les zitten en luisteren naar de leraar.” De dag was in drie blokken ingedeeld. Blok 1 bestond uit activiteiten op school. De leerlingen konden onder andere biologische appelflappen bakken, posters maken en vogelnestjes in elkaar zetten. Ook was er een informatiemarkt met kraampjes van organisaties zoals het Wereld Natuur Fonds. In het tweede blok brachten de leerlingen een bezoek aan een natuurgerelateerde organisatie. Bijvoorbeeld de Waterkrachtcentrale in Nederweert. Aan het eind van de projectdag vond er in de hal van de Philips van Horne de milieukwis plaats. “Goed zichtbaar en hoorbaar, want het ging er fanatiek aan toe,” lacht Toos. “Een geslaagde activiteit, alleen kostte die veel tijd en energie. Met Bèr Peeters zijn we rond de tafel gaan zitten om te kijken of het een andere invulling kon krijgen.”

In het schooljaar 2008/2009 vonden de eerste MAD, zoals we die nu kennen, bij het NMC plaats. In plaats van 1 projectdag, komen nu alle leerlingen met twee klassen tegelijk naar het NMC waardoor er meer dagen mee gemoeid zijn. De leerlingen doen vooral opdrachten buiten in de natuur. “Het is belangrijk dat de opdrachten dichtbij de belevingswereld van de leerlingen liggen. Het gaat erom dat ze nieuwsgierig worden. Niet door allerlei theorie te geven, maar door te kijken, te doen en zelf conclusies te trekken.” Voorbeelden van opdrachten zijn: kijk eens hoeveel bodemdiertjes je kunt vinden of maak een bodemprofiel met een grondboor. Inmiddels zijn we meer dan tien jaar verder en bestaan de MAD nog steeds. “Onze kracht is dat we iedere keer bijschaven en actueel blijven. We evalueren met de leerkrachten van de Philips van Horne en luisteren naar de ervaringen van de vrijwilligers. Vrijwilligers moeten zich gehoord en begrepen voelen. Anders werkt het niet.” Toos benadrukt: “Het is ontzettend leuk om te doen. Heb je zin en tijd? Kom een keer kijken en loop eens mee met een vrijwilliger van de MAD .”