16 juni 2018 – Hermans column

bron: drachtplanten.nl

’t is juni en dus…

… hebben we deze maand de langste dag en de kortste nacht van het jaar: het is dus zomer. Alles buiten groeit en bloeit dat het een lieve lust is, alhoewel: op veel akkers staat bijvoorbeeld ook de mais te groeien en over enkele weken staat die zo hoog dat buiten in de natuur wandelen of fietsen helemaal niet leuk meer is. Je loopt constant tegen een groene muur aan te kijken. Ik vind mais een verschrikking.

Laatst heb ik een boekje van Matine Bijl gelezen, een fervent tuinierster.

Zij heeft het niet over onkruid in haar tuin, dat zijn planten die groeien op plaatsten waar jij dat niet wil dat ze groeien, maar over hindergroen en dat vind ik nou een schitterende omschrijving ook voor al die mais rondom Weert: hindergroen

Maar behalve dat het ieders uitzicht volledig verpest, is het ook voor de natuur een ramp. Er groeit niks tussen en er leeft niks tussen. Nou ja, er groeit niks tussen: af en toe vind je er wel eens wat hennep tussen maar dat kun je nauwelijks een verrijking van de flora noemen en ook wilde zwijnen vinden die mais prachtg. Maar dat is het dan ook.

Maar ook buiten de maisakkers is er in de Weerter landbouwgebieden eigenlijk niets dat je als natuurliefhebber vrolijk stemt. Neem nou de weilanden.

Groene biljartlakens zijn het allemaal geworden. Er staat alleen maar eiwitrijk gras op voor het vee en er zit ontzettend veel mest in de bodem. Het bodemleven is daardoor gedecimeerd en als dat gras dan ook nog eens regelmatig wordt gemaaid hebben onze traditionele weidevogels, wulpen, grutto’s en leeuweriken daar niets meer te zoeken. Geen eten en ook alle jongen worden gehakt in de maaimachine, nee die vogels zijn allemaal vertrokken. Het oude boerenland is er niet meer en het boerenland is, wat betreft de natuur, een grote onvruchtbare woestijn geworden. Willen we wat natuur zien dan moeten we naar we naar de natuurterreinen die we in Weert gelukkig ook nog hebben en daar groeit nu van alles wat we vroeger op veel meer plaatsen hier konden bewonderen.

Bijvoorbeeld de echte koekoeksbloem. Prachtig rose met diep ingesneden kroonbladeren staat die nu mooi te zijn. En wat te denken van het wilgenroosje. Mooie lange rose pluimen die straks een overdaad van wit zaadpluis zullen geven.

bron: floravannederland.nl

Ook heel opvallend is nu het vingerhoedskruid. Aan een zo’n bloemaar vele, vingerhoedachtige bloemen van roodachtig tot wit die nu mooi staan te zijn. Vingerhoedskruid, een giftige plant maar waarvan het gif, digitaline, vroeger in een lage dosering wel veel hartpatiënten heeft geholpen. De natuur is er niet alleen maar om mooi te zijn maar het merendeel van onze medicijnen is eerst in de natuur gevonden en gewonnen voordat wij ze op grote schaal industrieel gingen produceren. Laten we dus toch maar heel zuinig zijn op die natuur want wie weet wat daar nog allemaal te vinden is.

Herman Beuvens